DAG 3
Slierten wind waaien de dag slordig opensaaiheid hangt als grijze was aan de weerlijn
rusteloos verkeer krijsend naar het werk
om daar vergeefs op adem te komen.
Het zijn dromen die worden uitgeblazen
al of niet met kleur omlijst.
Het is de kauw die krijst
zwart geblakerde balken
van wat eerst een woning was.
Het klavertje geluk van
meisjesharten klopt niet meer
verbrand
Blussend water druipt van balken
stromen doet het, levend niet.
Weg zijn dromen van de twee die achterbleven
windstil onbegrip en pijn
getroffen door een vreselijk licht van vlammen
nooit meer zijn wat het was.
Wind wordt storm en storm wordt ramp
onzegbaar leed stort alles in
ouders, moederziel alleen
wind raast verder, blaast
ademleven verder, hoorbaar oor.
Wind vangt veel gedachten
gaan met ze op de loop
in de hoop wat tastbaars te verwachten
…valse hoop …
Wanneer ze is gaan liggen
aan het eind van een nachtmerrie dag.
Blijft de storm van binnen razen
toen ik hen het laatst daar zag.
GEDICHT
De dag leunt achterover in de avondschemering
wind houdt de adem in voor vogels die verzamelen
in de hoge boom van zwarte stilte.
Kauwen vluchten als opmaat voor het slapen,
Ingedut huizen van vermoeidheid
hen die de dag doorzwoegden;
werkers van het eerste uur in ploegendienst.
Dan draait de dag zich om
en woelt zich wolkeloos in slaap.
Vierend van verlangen
slaat de vleermuis vleugels los
de draak van dromen laat zich tandeloos zien
bloeddoorlopen ogen barsten uit in tranen
buien bodemloze zekerheid.
Dromend staat de dag haar aan te staren
maanlichtstil, in eigenzinnigheid
stomverbaasd, weerkaatst zijn door de werkelijkheid
De dag staat uit haar leunstoel op
verlaat de nacht.
Het is de dag die wacht.
MARCK
IJS
In Vlissingen en Middelburg zijn de ijsbanen open.De vijvers komen eraan; zij liggen dicht en klaar om 'beschaatst' te worden....

DAG

De dag staat droog op
zonnestralen scherpen wolkenranden
wind veegt bomen schoon
hoog op hun troon
zitten kauwen loerend naar een prooi.
Guerrilla tussen struikgewas
valse honden en miauwen.
De dag rekt zich uit
diep vervlogen tijden:
-toen zonnestralen hen verblindden
in het avontuur van strijd.
Ook zij doorstaan de winden en de regen
niets ontzeggend walsen ze hun oorlogsdans
kinderen spelen elkaar tegen
doen alsof het vrede was-
De dag valt om van licht naar donker
flitsen stralen genadeloos terreur.
Een aanslag, donderend gekrijs
ziet zwart van vleugelend gewiek.
Kapotgedraaide schijnbewegingen
In een oogwenk toegedicht.
De dag licht nog één keer op
opgedroogd en maanlichtstil…
MARCK
Sint op school
Vele hulpklazen hebben scholen vanmorgen bezocht. Ook in het Zeeuwse vereerde zo'n 'klaas' een groep enthousiaste kinderen. Let op de Pietjes....